Hoe staat Estinea er financieel voor?
Onze ambitie dat we een financieel gezonde organisatie zijn en blijven. Ook in 2025 is dat gelukt. We sluiten het jaar 2025 af met een positief resultaat van 1.690.000 euro (2,5% van de omzet).
De opbrengsten van 2025 zijn hoger dan in 2024, van 64.665.000 euro in 2024 naar 67.326.000 euro in 2025. De stijging van deze opbrengsten komt door hogere tarieven, extra meerzorg-middelen en verkoop van een locatie.
Ook de andere financiële cijfers van Estinea zien er goed uit. Er is genoeg reservegeld voor het geval er tegenslagen zijn. Of als we direct iets moeten betalen. We hoeven geen grote acties te ondernemen om de cijfers te verbeteren.
Opbrengsten per financieringsstroom
(bedragen x 1.000 euro)
| Financieringsstroom | 2025 | 2024 |
|---|---|---|
| WLZ | 62.873 | 60.456 |
| Subsidies (Kaderwet VWS) | 243 | 229 |
| Baten uit onderaanneming | 120 | 45 |
| WMO | 1.778 | 1.757 |
| PGB | 1.443 | 1.364 |
| Subsidies gemeenten | 196 | 170 |
| Overige opbrengsten | 674 | 644 |
| Totaal | 67.327 | 64.665 |
Kengetallen
| Kengetallen | 2025 | 2024 |
|---|---|---|
| Solvabiliteitsratio (= eigen vermogen / totaal vermogen) | 56,6% | 54,8% |
| Weerstandsvermogen (= eigen vermogen / bedrijfsopbrengsten) | 26,5% | 25,1% |
| Current ratio (= kortlopende vorderingen / kortlopende schulden) | 1,5 | 1,4 |
| Resultaatratio (= bedrijfsresultaat / bedrijfsopbrengsten) | 2,5% | 1,9% |
Waar besteden we het geld aan?
Het meeste geld (67%) is uitgegeven aan medewerkers. Bij voorbeeld aan loon, opleidingen en vitaliteit. We vinden het belangrijk dat er weinig wisselingen in de teams zijn. Daarom werken we zoveel mogelijk met medewerkers die vast bij ons werken en in loondienst zijn. Soms is het toch nodig om met mensen te werken die niet in loondienst zijn. Dat noemen we Personeel Niet in Loondienst (PNiL). Dat hebben we in 2025 (0,8% van de omzet) veel minder gedaan dan in 2024 (2% van de omzet) en 2023 (3% van de omzet). Alleen op de meer complexe ondersteuningsvragen (ZZP 7VG) hebben we een beroep moeten doen op de inzet van PNiL.
Verder hebben we veel gedaan om meer leerlingen, stagiaires en zij-instromers aan te trekken. Een zij-instromer is iemand die vanuit een ander beroep bij Estinea komt leren en werken.
We hebben voor de toekomst een stevige financiële basis gelegd. Maar we moeten blijven opletten met de aangekondigde bezuinigingen in de zorg dat we dit ook zo houden.
Meer inzicht in roosters en beschikbaar geld
Bij Estinea werken we met zelfsturende teams. Een team is er zelf verantwoordelijk voor dat de bedrijfsvoering op orde blijft, ook op het gebied van inzet van personeel. Zo heeft elk team een medewerker met de taak roosteren. Diegene kijkt goed naar welke medewerkers op welk moment ingezet worden in het rooster. Joop is bedrijfseconomisch adviseur bij Estinea en helpt teams bij vragen.
In Aalten heeft Estinea aan de Slaadreef meerdere woningen waar mensen wonen met ernstige meervoudige beperkingen en/of intensieve gedragsproblematiek. Meerdere bewoners krijgen één-op-één-begeleiding. Teams ontvangen daar extra geld voor, dat heet meerzorg. Van deze teams wordt verwacht dat ze kunnen verantwoorden hoe ze dit extra geld besteden. De grootste kostenpost hierbij is de inzet van personeel.
Joop: “We kregen signalen dat roosteraars van teams moeite hadden met het goed roosteren. Met als gevolg dat er meer geld werd uitgegeven dan was begroot. Samen met een collega heb ik meegekeken hoe we dit konden verbeteren. Samen met roosteraars en andere medewerkers van de teams hebben we besproken hoe belangrijk het is om een goed rooster te hebben en je daar ook aan te houden. Dat een aanpassing in het rooster ook financiële gevolgen heeft. Het groter maken van het bewustzijn hiervan bij iedereen was een belangrijke eerste stap. We kwamen tot de conclusie dat het helpt als één begeleider meekijkt met de roosters van alle teams op Slaadreef. We zien nu dat dit zijn vruchten afwerpt. Het budget wordt minder overschreden en de inzet van medewerkers komt steeds dichter bij de begroting. Dat geeft rust.”

“Een aanpassing in het rooster heeft ook financiële gevolgen”
Joop
bedrijfseconomisch adviseur

