Een grotere betrokkenheidvan het netwerk
We vinden het belangrijk dat familie en netwerk betrokken blijven bij de begeleiding van bewoners/deelnemers. Op dit moment, maar zeker ook in de toekomst. Wat is belangrijk als je samenwerkt met het netwerk? Hoe is dat voor familie? En wat vinden medewerkers van Estinea?
Bert is de tweelingbroer van Wim die bij Estinea woont en Bert is ook zijn mentor: “Wim heeft een actief leven: hij helpt op de boerderij, doet boodschappen en gaat zwemmen. Vrijwilligers ondersteunen hem hierbij. Wat ik zelf doe? Ik ga met Wim naar de kapper en elke zaterdag is hij bij ons. Dan bezoeken we vaak onze ouders in het verpleeghuis. Ik realiseer me dat niet iedere bewoner familie of kennissen heeft om samen te fietsen op de duofiets of naar het dorp te gaan.
Als bijvoorbeeld vrijwilligers bij Estinea meer zouden gaan doen, zoals het uitdelen van medicatie, dan is het voor Wim belangrijk dat hij weet waarom vrijwilligers dit doen. En als familie wil ik toestemming kunnen geven voor wat een vrijwilliger doet. Ik vind het belangrijk dat ik ze vertrouw. Het liefst doet dezelfde vrijwilliger een taak voor langere tijd. Dan voelt het voor mij vertrouwd.”

“Wim heeft een actief leven en vrijwilligers ondersteunen hem hierbij“
Bert en Wim


“Soms bel ik de mentor voor een gezellig praatje”
Wim & Lianne
Lianne is de persoonlijk begeleider van Wim: “Van alle bewoners heb ik het netwerk goed in beeld. Daar gebruik ik de netwerkkaart in PUUR voor. Daarmee zie ik in één oogopslag wie er in het netwerk zit en welke relatie ze hebben, zoals mentor, bewindvoerder, zus/broer, huisarts, enzovoort. Ik heb goed contact met de mentoren van de bewoners. Ik bespreek alles wat nodig is. Ook als er even niets te bespreken is, houd ik contact. Dan vraag ik hoe het met hen gaat of bel ik samen met de bewoner voor een gezellig praatje. Als er in de toekomst een grotere betrokkenheid van het netwerk gevraagd wordt, dan zou ik dat goed overleggen met familie, mentoren en bewindvoerders. Een goede samenwerking in de driehoek (bewoner, netwerk, begeleider) is heel belangrijk.”


“Soms bel ik de mentor voor een gezellig praatje”
Wim & Lianne
Esther is persoonlijk begeleider op een woonlocatie in Winterswijk: “Het netwerk van de bewoners die ik begeleid, bestaat vooral uit familie en professionals, zoals de bewindvoerder of huisarts. Op onze locatie komen twee vrijwilligers elke week. Zij zijn er voor de hele groep, niet voor één bewoner. Dus ze horen niet bij het persoonlijke netwerk van een bewoner.
Ik zou willen dat iedere bewoner een eigen vrijwilliger heeft, ook al komt die maar één keer per maand. Het gaat om individuele aandacht van iemand anders dan een professional.
Als Estinea in de toekomst meer met vrijwilligers wil samenwerken, dan is het belangrijk om duidelijk te maken hoe dat eruitziet. Zodat je dit goed kunt uitleggen aan mensen die je wilt werven. Je moet ook waarmaken wat je belooft. Het werven van vrijwilligers is niet het moeilijkste, maar ze behouden is de kunst. Daar moet je in investeren.”
Ida is ambulant begeleider in team Doetinchem/Montferland: “Voor mij is het vooral belangrijk dat ik van de mensen die ik ondersteun weet wie de eerste contactpersoon, huisarts/apotheek zijn. De eerste contactpersoon is vaak een familielid. Als er iets bijzonders is met een cliënt, kan ik diegene bellen. Ik vraag familie soms om mee te gaan met de cliënt naar het ziekenhuis. Dat is fijn. Soms hebben de mensen die ik ondersteun een heel klein netwerk of helemaal geen netwerk. Dat kan lastig zijn, vooral bij oudere mensen zonder mentor, die in het laatste stukje van hun leven komen. Het is wel eens gebeurd dat een collega wist welke muziek iemand wilde bij zijn afscheid. Als er geen mentor is, regelt de gemeente alleen een afscheid, zonder ceremonie. Die collega heeft toen alles laten vallen om het goed te regelen. Daarom is het altijd belangrijk om een mentor te hebben.”


“Ik zou willen dat iedere bewoner een eigen vrijwilliger heeft”
Esther
Wat gaan we doen in 2026?
In 2026 werken we aan twee onderwerpen:
- Inspraak en medezeggenschap
- Elk team krijgt een taakcoördinator inspraak en medezeggenschap. Deze coördinatoren krijgen hulpmiddelen om overleg met bewoners en deelnemers te organiseren.
- We gebruiken technologie (MijnEigenPlan) om inspraak makkelijker te maken.
- We koppelen terug aan de cliëntenraad wat er besproken is op woon- en werk- en activiteitenlocaties.
- Samenwerken met het netwerk
- We gaan aan de slag met samenwerking met het netwerk. We schrijven in een plan van aanpak hoe we hier meer aandacht aan gaan geven. De uitvoering van dit plan start in de tweede helft van 2026.
